Informatie over babydragers


Een elastische of rekbare draagdoek (0maanden) is de meest ideale manier van het dragen van een baby tijdens de eerste maanden na de geboorte. De draagdoek is een groot stuk stof gedragen rond je lichaam en over beide schouders. De stof van de draagdoek voelt lekker zacht aan, is elastisch en positioneert je baby dicht bij je lichaam. Ze zijn zeer organisch van vorm, grootte en fit waardoor oneindige aanpassingen mogelijk zijn voor zowel u als uw baby. De nabijheid die een draagdoek biedt, evenals het vermogen van de drager om de stof los te maken, maakt een draagdoek een perfecte optie bij het geven van borstvoeding.
 
baby wrap

Door de rekbaarheid wordt het dragen van een oudere en zwaardere baby minder comfortabel. Daarvoor bevelen we één van onze andere buikdragers aan.
 
De van origine Aziatische Mei Tai (0maanden) is een eenvoudige en comfortabele babydrager ontworpen voor het dragen van de baby vanaf de geboorte. De Mei Tai is een handige tussenvorm tussen draagdoek en ergonomische drager. Hij bestaat uit een vierhoekig stuk stof met aan elke hoek een band: twee gevoerde schouderbanden en twee banden die samen de heupband vormen.

mei tai 1  mei tai 2

De Mei Tai is eenvoudiger in het gebruik dan de klassieke draagdoek en is mede daarom de laatste jaren erg populair geworden als babydrager. Het gebruik van een Mei Tai is altijd een verstandige keuze en wordt door ons ook van harte aanbevolen!

 

Een ergonomische draagzak, buikdrager of babydrager (4/5maanden) is een zachte, voorgevormde babydrager met een eenvoudig kliksysteem. Ze zorgen voor een gelijkmatige gewichtsverdeling en daarmee voor het comfortabel dragen van de baby. De draagzak kan een lange periode achtereen worden gedragen en is beter geschikt voor de wat oudere en grotere baby's. Een goede ergonomische babydrager heeft in principe geen mogelijkheid voor het dragen met het gezichtje vooruit aangezien dat geen ergonomische positie voor de baby is.

AIR baby carrier  DLIGHT baby carrier
 

Waarom zijn onze babydragers ergonomisch verantwoord?

Onderzoek naar heupdysplasie en het voorkomen en genezen ervan heeft uitgewezen dat de "M" of "Kikker"-positie die we gebruiken bij onze babydragers beter is voor de ontwikkeling van het lichaam van het kind dan de tradtionele draagtechnieken waarbij de baby in een harnas hangt.
  

Klik hier voor meer informatie over Heupdysplasie.
Klik hier voor meer informatie van het International Hip Dysplasia Institute.

 

Waar moet je op letten als je een draagzak of draagdoek koopt?

Voor alle babydragers

1.) Als u een draagzak koopt, waarin uw baby rechtop gedragen wordt, zorg dan dat deze voldoet aan de Europese norm voor buikdragers: EN 13209-2. Daarin staat onder andere dat de beenopeningen niet te groot mogen zijn, zodat je kind niet door het beengat heen kan glijden als hij per ongeluk met twee benen in één opening komt.
2.) De draagzak/draagdoek moet voldoende steun aan de rug, nek en hoofd geven.Een jonge baby kan zijn hoofd namelijk nog niet goed zelf rechtop houden of ondersteunen.
3.) Je baby moet niet opzij kunnen gaan hangen.
4.) De babydrager moet voldoende ruimte vrij laten voor armen en benen. Ze mogen niet klem zitten.
5.) De draagzak moet in hoogte verstelbaar zijn. Een draagzak zit op de juiste hoogte als je je kind een kusje op zijn hoofd kan geven.
6.) De draagzak/draagdoek mag het gezicht van het kind op geen enkele manier bedekken. Hij moet vrij kunnen ademen en je moet zijn gezichtje altijd kunnen zien.

 

Waar moet je op letten als je een draagzak of draagdoek gebruikt?

Voor alle buikdragers

1.) Oefen eerst met omdoen, afdoen, openen, sluiten en eventueel knopen zonder kind. Volg de instructies uit de gebruiksaanwijzing daarbij nauwkeurig op.
2.) Let er bij elk gebruik op of de sluiting goed dicht klikt.
3.) Let erop dat je kind altijd vrij kan ademen.
4.) Draag je kind nooit onder een dichte jas. Zijn gezicht moet altijd boven je jas uitkomen.
5.) Wees extra voorzichtig met het gebruik van een buikdrager als je kind te vroeg geboren is. Want dan heeft hij waarschijnlijk meer moeite om genoeg zuurstof op te nemen.
6.) Hou de buitentemperatuur én de temperatuur van je kind goed in de gaten. De zon is gauw te warm op het hoofdje van je kind. En als het koud is, kan hij het snel koud krijgen. Voel regelmatig in zijn nekje en aan zijn handjes en voetjes of hij het niet te warm of koud heeft.
7.) Gebruik de draagzak niet als de banden kapot of versleten zijn.
8.) Houd er rekening mee dat je zwaartepunt op een andere plek ligt als je een buikdrager draagt. Je kunt dus eerder uit balans raken en vallen.
9.) Wees extra voorzichtig met vooroverbuigen, bukken of leunen.
10.) Met een babydrager zie je niet waar je je voeten neerzet. Let dus extra goed op, zodat je niet struikelt.
11.) Maak in het begin geen lange wandelingen met je kind.
12.) Draag je kind niet in een buikdrager tijdens het koken, op de fiets, in de auto, op de motor of tijdens het sporten (bijvoorbeeld skaten).  
 

Bij een draagdoek

1.) Meestal is een knoopinstructie op papier niet voldoende. Zorg dat iemand je leert hoe je de doek moet knopen.
2.) Zorg ervoor dat je de draagdoek altijd op de juiste manier knoopt. Anders kan de doek losraken.
3.) Hou altijd zicht op je baby. Bedek zijn gezicht het niet volledig met de draagdoek. Zo kun je steeds zien hoe het met hem gaat. En zo kan hij vrij ademen.
4.) Controleer de knoop in de draagdoek regelmatig.